Grondrechtenbescherming in het federale Koninkrijk
Publication date
2002
Authors
Besselink, L.F.M.
Editors
Advisors
Supervisors
DOI
Document Type
Article
Metadata
Show full item recordCollections
License
Abstract
In deze notitie gaan wij na welke mate van verscheidenheid in een federaal stelsel kan bestaan ten aanzien van de bescherming van grondrechten. Wij doen dit naar aanleiding van de zaak Ana Luisa Matos en anderen tegen de Nederlandse Antillen. In deze zaak staat wezenlijk voorop de vraag welke verscheidenheid in behandeling van verschillende bevolkingsgroepen gerechtvaardigd is, in het bijzonder de vraag of aan sommige groepen Nederlanders generiek de toelating tot de overzeese landen mag worden ontzegd - dit met name in het licht van artikel 12 van het IVBPR in samenhang met artikel 50 van dit Verdrag.
Wij gaan in deze notitie niet in op processuele aspecten van de zaak zoals deze thans ligt bij de Hoge Raad. Evenmin behandelen wij alle naar voren gebrachte juridische argumenten en hun merites.