Een eeuw van verschil : van achterstelling tot zelfontplooiing: de dynamiek van het gelijkheidsideaal
Publication date
2004
Authors
Schnabel, P.
Editors
Advisors
Supervisors
DOI
Document Type
Book
Metadata
Show full item recordCollections
License
Abstract
In 1900 was Nederland nauwelijks kleiner dan het nu is, maar op dat bijna gelijke oppervlak wonen nu drie keer zoveel mensen in zes keer zoveel huizen, met duizend keer zoveel fietsen en zevenduizend keer zoveel auto’s. Het spoorwegnet had al ongeveer de omvang die het nu heeft maar toen ging het om 15 miljoen reizigers per jaar en nu om meer dan 300 miljoen. Het nationale inkomen is in euro’s bijna 500 keer zo hoog geworden en zelfs als er rekening wordt gehouden met prijsveranderingen en inflatie zijn we per hoofd van de bevolking nu nog altijd minstens vijf keer zo rijk als in 1900.
Ontwikkeling van het gelijkheidsprincipe
Wat in 1900 alleen bereikbaar was voor de bovenste tien tot twintig procent van de samenleving, is in 2000 eigenlijk gewoon geworden voor bijna iedereen. Een goed huis, goede voeding, goede kleding, goede gezondheidszorg en goed onderwijs is in principe voor iedereen gelijk bereikbaar. In zijn historische vergelijking van twee eeuwwendes schetst Schnabel de ontwikkeling van het gelijkheidsprincipe in de Nederlandse samenleving van de 20e eeuw, in het bijzonder de rol van het gelijkheidsdenken in politiek en beleid. Naast de feitelijke resultaten die in honderd jaar tijd zijn behaald, is vooral opmerkelijk dat het streven naar gelijkheid – in tegenstelling tot wat cultuurpessimisten voortdurend beweerd hebben – niet heeft geleid tot een toenemende uniformiteit, maar juist tot een grote mate van pluriformiteit.
Individu
Hoewel het gelijkheidsstreven ook in de 21ste eeuw nog een rol zal blijven spelen – er zullen altijd relatieve achterstandsgroepen zijn – zal de belangrijkste uitdaging volgens Schnabel toch bestaan uit het bieden van kansen aan de vrijheid van het individu binnen het kader van het gelijkheidsideaal. Daarbij zal het individu meer verantwoordelijkheid nemen voor het eigen leven en naast de collectieve voorzieningen ook steeds meer gebruik maken van door hem- of haarzelf gekozen en betaalde commerciële voorzieningen.