"De predispositie van de verdachte bij het stelen van een lokfiets: creëert de gelegenheid de dief?"
Publication date
2019-06-01
Editors
Advisors
Supervisors
Document Type
Memorandum
Metadata
Show full item recordCollections
License
Abstract
Uit de bestendige rechtspraak van de Hoge Raad blijkt dat opsporingsambtenaren op basis van de algemene taakstellende bevoegdheden in beginsel bevoegd zijn tot het inzetten van bepaalde lokmiddelen, mits deze inzet binnen de grenzen van het Tallon-criterium blijft. De verdachte mag zodoende niet door het optreden van de opsporingsambtenaar worden gebracht tot andere handelingen dan die waarop zijn opzet reeds van tevoren was gericht. De vraag die naar aanleiding van de onderhavige uitspraak echter kan worden gesteld, is of de verdachte nog wel een voldoende toereikend beroep kan doen op de rechtsbeschermende waarde die het Tallon-criterium – in het kader van de inzet van niet-menselijke lokmiddelen – beoogt te bieden.
Keywords
LokfietTitle of th, Tallon-criterium, Instigatieverbod, Uitlokking, Lokmiddelen, 6 EVRM, EHRM, Hoge Raad
Citation
Albers, W 2019, '"De predispositie van de verdachte bij het stelen van een lokfiets: creëert de gelegenheid de dief?"', 6 p., Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht en Handhaving. https://doi.org/10.5553/TBSenH/229567002019005002008