Het sterrenlied in het Hollandse zeevaartonderwijs: Berijmde instructies voor het vinden van de sterrenbeelden en het uur van de nacht
Publication date
2005
Authors
Gent, R.H. van
Editors
Advisors
Supervisors
DOI
Document Type
Article
Metadata
Show full item recordCollections
License
Abstract
In de tijd voor het mechanisch uurwerk was men voor de bepaling van het uur van de dag
grotendeels aangewezen op de stand van de zon. 's Nachts was dat uiteraard niet mogelijk.
Wilde men 's nachts weten hoe laat het was, dan diende men zich te orienteren op de
stand van de sterren. Als de zon in het zuiden zijn hoogste punt bereikte ('door de
meridiaan ging'), was het per definitie twaalf uur in de middag. Net zo hadden alle
sterren hun eigen tijd om door de meridiaan te gaan, met dien verstande dat die tijd
van het seizoen afhankelijk was. Uit de combinatie van de hoogte van een bekende ster
en de datum viel dus in principe de tijd te bepalen.
Deze manier om uit de meridiaandoorgang, of ook de tijd van op- en ondergang, van
heldere sterren en sterrenbeelden de tijd te bepalen is vermoedelijk zo oud als de mensheid.
In het oude Nabije Oosten gebruikte men hiervoor de zogenaamde dekaansterrenbeelden
(in Egypte).