Typografie & Socialisme : Losse opmerkingen over een vaste relatie
Files
Publication date
1996
Authors
Hubregtse, Sjaak
Editors
Advisors
Supervisors
DOI
Document Type
Part of book or chapter of book
Metadata
Show full item recordCollections
License
Abstract
Zoals andere typografie-onderzoekers (bijv. Sebastian Carter) een studie zouden willen zien over 'the close connections between twentieth-century typography and Catholiscism', zo wordt hier een aanzet gegeven m.b.t. de cultuurhistorische relatie typografie-socialisme. Beginpunt van die relatie is William Morris, die ziet dat arbeider en boek in gelijke mate slachtoffer zijn van de machine. De periode 1890-Eerste Wereldoorlog wordt (maatschappelijk) gekenmerkt door syndicalistisch socialisme en kunstnijverheidsgemeenschappen waarbinnen kunst en machine als vijanden worden gezien, en (typografisch) door teruggrijpen naar incunabelen en Venetiaanse romein. Ook avantgardisten in het Interbellum hebben hun werkgemeenschappen, maar zien machine en moderne technieken als aanwinst. Geïnspireerd door de sovjetrevolutie benadrukken ze de sociaal-communicatieve functie van de typografie. Art Nouveau-kunstenaars en architecten hebben een bijzondere band met het socialisme, wat o.a. tot uiting komt in hun 'Maisons du Peuple' en drukwerk. In de periode WO I – ca 1990 is er een opvallende belangstelling voor de relatie typografie-reclame-socialisme: de socialistische avantgardisten verzorgden meer advertenties en affiches dan boeken, Bram Kempers wijdde er in 1988 zijn inaugurele rede aan.
Keywords
06.22, typografie, socialisme