De woonwijk in bedrijf
Publication date
2012
Authors
Risselada, A.H.
Editors
Advisors
Supervisors
DOI
Document Type
Article
Metadata
Show full item recordCollections
License
(c) UU Universiteit Utrecht, 2012
Abstract
De wijkeconomie in naoorlogse wijken zou achterblijven
bij die in vooroorlogse woonwijken. Dit
geldt echter niet voor alle naoorlogse wijken. De
wijken die na de jaren zeventig zijn gebouwd
bieden ruimte voor een opkomende economie: die
van de zelfstandige kenniswerker.
Het Raminhout is een straat met 56 eengezinswoningen in een
gegoede woonwijk in Zoetermeer. In deze ogenschijnlijk rustige
straat zijn 11 ondernemingen gevestigd. Dit betekent dat één op
de vijf woonhuizen tevens een bedrijfslocatie huisvest. Achter de
voordeur vindt economische activiteit plaats: in huis achter de
computer, of als loodgieter met de bus op weg naar een klus. In
deze straat verdienen ingenieurs, adviseurs, podiumkunstenaars,
schoonheidspecialisten, softwareontwikkelaars en hoveniers de
kost door te ondernemen.
In dit artikel stellen we deze, soms onzichtbare, economische
activiteit in Nederlandse stedelijke woonwijken centraal. We
kijken in hoeverre de omvang en samenstelling van de wijkeconomie
varieert tussen vooroorlogse, vroeg-naoorlogse en laatnaoorlogse
stadswijken. Daarbij onderzoeken we of er een relatie
is met de planningstraditie waarin een wijk is gebouwd. Hierbij
wordt het vaak gemaakte onderscheid tussen de ruimtelijke
inrichting van voor- en naoorlogse stedelijke woonwijken genuanceerd.
Woonwijken gebouwd na 1945 zijn immers divers in
uitvoering en planologische principes. Zo heeft de naoorlogse
functionalistische tuinstad een andere ruimtelijke opzet dan later
gebouwde Bloemkool- of Vinex-wijken.