Staatsaansprakelijkheid voor Srebrenica
Publication date
2014-06
Editors
Advisors
Supervisors
DOI
Document Type
Article
Metadata
Show full item recordCollections
License
unspecified
Abstract
Dit artikel beschrijft en becommentarieert het arrest van de Hoge Raad der Nederlanden in de zaak tussen de Nederlandse Staat en Hasan Nuhanovic. De Hoge Raad werd gevraagd te oordelen of Nederland aansprakelijk kon worden gesteld voor het overdragen door Dutchbat van de familieleden van VN tolk Hasan Nuhanovic aan de Bosnische Serviërs, wetende dat ze hoogstwaarschijnlijk zouden worden vermoord. Deze overdracht speelde zich af vlak na de val van de door Dutchbat beschermde enclave in Srebrenica in 1995. De Hoge Raad moest zich onder meer uitspreken over de vraag of de handelingen van Dutchbat – een bataljon dat door de Nederlandse regering aan de Verenigde Naties ter beschikking gesteld werd - moesten worden toegerekend aan de troepen leverende Staat (Nederland), of aan de Verenigde Naties, of aan allebei. Ook moest de Raad beoordelen aan welk recht de handelingen van Dutchbat getoetst moesten worden. Was dat het Bosnisch privaatrecht of internationale mensenrechten? En hoe verhouden deze rechtstelsels zich tot elkaar?
Keywords
Citation
Spijkers, O 2014, 'Staatsaansprakelijkheid voor Srebrenica', Overheid en Aansprakelijkheid, vol. 2014, no. 2, 24 , pp. 30-37.