Jurisprudentiebespreking (TvHB 2014/9,10,11,12)

Abstract

Beëindiging, einde huurovereenkomst 7:230a-ruimte, gebruiksvergoeding Als de huurovereenkomst eindigt en huurder na het verstrijken van de periode waarvoor de overeenkomst was aangegaan in het genot van het gehuurde blijft, dan dient een gebruiksvergoeding te worden betaald. Voor de hoogte van de gebruiksvergoeding kan worden aangesloten bij de hoogte van de betaalde huur, maar dan moeten de omstandigheden niet zijn gewijzigd. In casu zijn de omstandigheden wel gewijzigd (de gebruiksmogelijkheden van de bedrijfsruimte waren veel geringer en er werd aanzienlijke hinder ondervonden van de werkzaamheden die vooruitlopend op de nieuwe huurovereenkomst met een derde in het gehuurde zijn verricht) en daarom stelt de kantonrechter de gebruiksvergoeding op een lager bedrag vast.

Keywords

Citation

Jongbloed, T & Eeken-Amiel, N 2014, 'Jurisprudentiebespreking (TvHB 2014/9,10,11,12)', Tijdschrift voor Huurrecht Bedrijfsruimte, vol. 2014, no. 3, pp. 167-191.