Het recht op vrijheid van gedachte: een onderbelicht recht in de schijnwerpers

Publication date

2026-03-31

Authors

van de Pol, NaomiORCID 0000-0003-4223-5388ISNI 0000000512624678
Ligthart, SjorsISNI 0000000506807849

Editors

Advisors

Supervisors

Document Type

Article
Open Access logo

License

cc_by

Abstract

Artikel 9 EVRM beschermt het recht op vrijheid van gedachte, geweten, en godsdienst. Anders dan het recht op godsdienst en geweten, bleef het recht op vrijheid van gedachte lange tijd onderbelicht – zowel in de literatuur als de rechtspraak van het EHRM. Sinds enkele jaren neemt de wetenschappelijke aandacht voor dit recht toe, mede naar aanleiding van opkomende technologieën die diep kunnen ingrijpen in mentale toestanden, zoals gedachten, gevoelens, en intenties. In deze bijdrage bespreken we verschillende interpretaties van het recht op vrijheid van gedachte en verkennen we de mogelijke implicaties daarvan. Dit doen we aan de hand van drie typen mentale beïnvloeding: (1) dwangmedicatie, (2) algoritmische beïnvloeding via sociale media, en (3) neuromodulatie in de strafrechtspleging. Daarbij kijken we niet alleen naar de reikwijdte van het recht op vrijheid van gedachte, maar reflecteren we ook kritisch op het absolute karakter ervan.

Keywords

Citation

van de Pol, N & Ligthart, S 2026, 'Het recht op vrijheid van gedachte: een onderbelicht recht in de schijnwerpers', NTM/NJCM-Bulletin, vol. 51, no. 1, pp. 58-72. https://doi.org/10.54195/NTM.26381