Het recht op vrijheid van gedachte: een onderbelicht recht in de schijnwerpers
Publication date
2026-03-31
Editors
Advisors
Supervisors
Document Type
Article
Metadata
Show full item recordCollections
License
cc_by
Abstract
Artikel 9 EVRM beschermt het recht op vrijheid van gedachte, geweten, en godsdienst. Anders dan het recht op godsdienst en geweten, bleef het recht op vrijheid van gedachte lange tijd onderbelicht – zowel in de literatuur als de rechtspraak van het EHRM. Sinds enkele jaren neemt de wetenschappelijke aandacht voor dit recht toe, mede naar aanleiding van opkomende technologieën die diep kunnen ingrijpen in mentale toestanden, zoals gedachten, gevoelens, en intenties. In deze bijdrage bespreken we verschillende interpretaties van het recht op vrijheid van gedachte en verkennen we de mogelijke implicaties daarvan. Dit doen we aan de hand van drie typen mentale beïnvloeding: (1) dwangmedicatie, (2) algoritmische beïnvloeding via sociale media, en (3) neuromodulatie in de strafrechtspleging. Daarbij kijken we niet alleen naar de reikwijdte van het recht op vrijheid van gedachte, maar reflecteren we ook kritisch op het absolute karakter ervan.
Keywords
Citation
van de Pol, N & Ligthart, S 2026, 'Het recht op vrijheid van gedachte: een onderbelicht recht in de schijnwerpers', NTM/NJCM-Bulletin, vol. 51, no. 1, pp. 58-72. https://doi.org/10.54195/NTM.26381