De Koran als jachtacte

Publication date

2004-05-07

Authors

Jansen, J.J.G.

Editors

Advisors

Supervisors

DOI

Document Type

Contribution for newspaper or weekly magazine
Preprint
Open Access logo

License

Abstract

Verbieden van bloederige opvattingen over de Koran en de islam klinkt stoer en daadkrachtig, maar werkt haast zeker averechts. Proberen te zorgen dat de militanten hun liberalere kritische moderne geloofsgenoten niet van de markt drukken is waarschijnlijk minstens zo effectief, en al moeilijk genoeg. Want, laten we niet vergeten, niemand heeft ooit de hervormde kerk verboden, en toch bestaat dit kerkgenootschap niet meer. Nadat de wat liberalere protestanten in de jaren twintig waren begonnen de debatteren over de vraag of de slang in het scheppingsverhaal van Genesis 3 nu wel of niet zintuiglijk waarneembaar had gesproken, heeft het geen eeuw meer geduurd of de vrijzinnig-protestanten waren bijna uitgestorven, en de rechtzinnig protestanten gemarginaliseerd. Het is de vraag of de Nederlandse overheid ten aanzien van de islam wel veel moet doen en een ‘taak heeft’. Anders dan vaak gedacht wordt, betekent de moderne scheiding van kerk en staat niet dat de overheid zich niet met de godsdiensten van haar onderdanen mag bemoeien, maar dat de overheid er voor moet zorgen dat de toegang tot de religieuze markt voor alle aanbieders gelijkelijk openblijft. In het Midden-Oosten zorgt zoals bekend een monsterverbond van overheid en religieuze leiders er voor dat die markt voor andere aanbieders dan de islam gesloten blijft.

Keywords

Citation